FAQ
1. Mijn zoon/dochter zit vanaf de kleuterschool op de vrijeschool. Wordt hij/zij nu als vanzelf aangenomen op de bovenbouw?
Nee, al het Voortgezet Onderwijs en dus ook de bovenbouw moet bij de toelating uitgaan van twee criteria:
1. Het advies van de basisschool, opgenomen in een onderwijskundig rapport.
2. Het advies dat voortkomt uit een onafhankelijke toets (bijvoorbeeld de Cito-
of Nio-toets, het Drempelonderzoek of de WiscIII)
De toets wordt meestal afgenomen op de onderbouw(basisschool). Beide adviezen moeten aangeven dat de betreffende leerling een vmbo-t (mavo), havo of vwo diploma zou moeten kunnen halen. Kom je dan van de vrijeschool onderbouw dan word je in principe aangenomen. Het kan zijn dat het onderwijskundig rapport nog aanleiding geeft om de leerling uit te nodigen voor een gesprek en/of een nader onderzoek. Kom je van een andere basisschool, dan wordt er aan de hand van het onderwijskundig rapport en het toetsresultaat gekeken of je “plaatsbaar” bent. Als er meer “plaatsbare” aanmeldingen zijn dan er plaatsen zijn, wordt er geloot. Zie voor de exacte procedure de schoolgids.
Het Voorgezet Onderwijs moet elke aanname van een leerling kunnen motiveren naar de inspectie en het moet daarbij aannemelijk kunnen maken dat de leerling de school kan verlaten met een erkend diploma, of probleemloos kan doorstromen naar het vervolgonderwijs. Wanneer een leerling net onder VMBO-T niveau komt of ernstig gehinderd wordt door bijvoorbeeld dyslexie of dyscalculie, onderzoeken wij de mogelijkheid tot plaatsing in de CASZ, de praktische stroom klas.
2. Stel dat de Cito-toets geen VMBO-T of hoger niveau aangeeft maar het onderwijskundig rapport wel, wordt hij/zij dan toch aangenomen op de bovenbouw?
Niet automatisch. Dat is afhankelijk van de precieze inhoud van het onderwijskundig rapport en de onderbouwing van het gezichtspunt van de klassenleraar. Eventuele plaatsing in de CASZ behoort dan tot de mogelijkheden.
3. Stel dat beide adviezen voldoende zijn en de bovenbouw heeft geen plaats meer. Kan ik dan plaatsing eisen, door te eisen dat er een extra klas geformeerd wordt?
Voor leerlingen die van de regionale vrijescholen afkomstig zijn en aan de aannamecriteria voldoen, zorgen we in ieder geval voor voldoende plaatsingsmogelijkheden. Voor de overige leerlingen wordt er bij te veel aanmeldingen geloot. Het is pas na de sluitingsdatum voor de aanmeldingen duidelijk hoeveel ruimte er is. In de regio Zuid-Oost Utrecht zijn tussen alle scholen voor V.O. afspraken gemaakt over een snelle doorstroom van aanmeldingen naar een school van tweede keuze.
4. Kent de zevende klas nog een klassenleerkracht?
Ja, de middenbouw (7e en 8e klassen) heeft een klassenleerkracht. Er is ook een speciaal middenbouwteam dat de lessen aan deze klassen verzorgt. De periodelessen en zoveel mogelijk vaklessen worden door de eigen klassenleerkracht gegeven. Het middenbouwteam vergadert wekelijks. Er is sprake van een “middenbouwdidactiek”. Ook hebben deze klassen nog een eigen klaslokaal waarin ze de meeste lessen krijgen.
5. Worden de leerlingen uit dezelfde zesde klas bij elkaar geplaatst in de zevende klas?
De leerlingen maken bij ons wat dat betreft een nieuwe start en worden verdeeld over de klassen. Je kunt als ouder/leerling wel op het aanmeldingsformulier aangeven met wie je graag in de klas zou willen zitten. We proberen dan in de samenstelling van de klassen rekening te houden met onder andere de verdeling jongens-meisjes, de opgegeven voorkeuren, woonplaats van de leerling (om het samen terugreizen makkelijker te maken) en een eventueel advies van de onderbouwleraar.
6. Stel dat mijn zoon/dochter vmbo-t examen gaat doen. Moet hij/zij dan na de tiende klas stoppen, en krijgt hij/zij dan ook een getuigschrift van de vrije school?
Ja, wij bieden de leerlingen de gelegenheid om in de 10e het ivo-vmbo-t examen te doen. Engels, Nederlands en vanaf 2014 ook wiskunde worden daarbij via een Centraal Schriftelijk Examen afgenomen; de overige vakken worden alleen via het schoolexamen geëxamineerd. Verder ontvangt de leerling een aangepast getuigschrift waarin opgenomen klas 7 t/m 10. Leerlingen die op vmbo-niveau afsluiten mogen wettelijk niet langer dan 5 jaar voortgezet onderwijs genieten. Wanneer werkhouding, belangstelling en het cognitieve niveau van de leerling daartoe aanleiding geven, bestaat er de mogelijkheid om, na het behalen van een vmbo-t diploma, door te stromen naar de 11e klas om het havo-examentraject te volgen. De leerling doet dan aan het einde van de 12e klas havo-examen.
Naast afsluiting d.m.v. het examen vmbo-t is er voor onze leerlingen ook de mogelijkheid om op basis van een portfolio, een competentiebeschrijving en een eventueel deelcertificaat voor behaalde examenresultaten rechtstreeks door te stromen naar het middelbaar beroepsonderwijs. De leerlingen in de praktische stroom CASZ zullen vrijwel allemaal van deze mogelijkheid gebruik maken. De vrijescholen hebben daartoe een overeenkomst afgesloten met de ROC’s (de Regionale Opleidingscentra, die het middelbaar beroepsonderwijs verzorgen).
7. Bestaat er naast de theoretische leerweg ook een praktische/beroepsgerichte leerweg?
Wij zijn in augustus 2009 gestart met de CASZ, Craft & Art Stroom Zeist, voor praktisch vrije schoolonderwijs.
8. Hoe zit het met het leerwegondersteunend onderwijs (LWOO)?
De bovenbouw van de Tobiasschool is een onderdeel van de Stichtse Vrije School. In deze "Tobiasstroom", die gevestigd is aan de Lorentzlaan in Zeist, wordt leerwegondersteunend onderwijs aangeboden.
Leerlingen die deze vorm van onderwijs behoeven, moeten aan specifieke toelatingscriteria voldoen. Voor nadere informatie: 030-6916931; zie ook de schoolgids.
In het schooljaar 2009-2010 zijn wij gestart met de CASZ Craft & Art Stroom Zeist. Wij verzorgen hier praktisch vrije schoolonderwijs voor leerlingen die gebaat zijn met kleinere klassen, meer structuur en een iets lager tempo. Voor informatie over deze stroom kunt u contact opnemen met de coördinator, Annelies den Ouden (a.denouden@svszeist.nl)
9. Stel dat mijn zoon/dochter na de elfde klas wil stoppen, kan hij/ zij dan zijn havo diploma halen en krijgt hij/zij dan ook een getuigschrift van de Vrije School?
Ja, maar dat is natuurlijk wel afhankelijk van de mogelijkheden van de leerling. Wij bieden leerlingen de gelegenheid om in de 11e klas het havo examen te doen. Wij geven uit pedagogische overwegingen echter de voorkeur aan een afronding in de 12e klas. Een diplomaloze doorstroming naar het hbo is voor leerlingen helaas niet meer mogelijk, enkele kunstopleidingen uitgezonderd.
10. Op welke wijze vindt er leerlingbegeleiding plaats?
De klassen7 en 8 hebben een klassenleerkracht. De klassen 9, 10, 11 en 12 hebben een mentor. Iedere leerling in de Tweede Fase (vanaf klas 10) heeft ten minste eenmaal per trimester een persoonlijk gesprek met zijn studiebegeleider. Bij de aannameprocedure wordt n.a.v. het onderwijskundig rapport gekeken naar mogelijke leerproblemen en er wordt in klas 7 klassikaal een “taal-screening” gedaan en later in het jaar een rekentoets om de basisvaardigheden in beeld te brengen. Op grond van deze bevindingen kan de zorgcoördinator besluiten of een leerling extra steun en tijd nodig heeft. Verder hebben we op school het zorgteam bestaande uit een zorgcoördinator, twee remedial teachers en een orthopedagoog.
11. Worden op de bovenbouw de vakken Grieks en Latijn aangeboden?
Latijn wordt facultatief aangeboden; vooralsnog alleen in de lagere leerjaren.
12. Ik twijfel voor mijn zoon/ dochter tussen gymnasium en bovenbouw. Zijn er argumenten te geven waarom ik voor uw school en niet voor het gymnasium zou kiezen.
Wij bieden:
a. een breder vakkenpakket. Wij geven aan iedereen veel extra lessen op het gebied van toneel, muziek en beeldende kunst en op een gymnasium volgt de leerling na het 3e leerjaar nog maar een beperkt aantal vakken. De leerlingen krijgen daarna - afhankelijk van hun profielkeuze - bijvoorbeeld ook helemaal geen geschiedenis, kunst of biologie etc. meer.
b. een bredere sociale context (heterogeen samengestelde klassen met leerlingen van niveau vmbo-t tot vwo).
c. een bredere algemene vorming, niet alleen cognitief, maar ook sociaal en kunstzinnig.
d. wij geven ontwikkelingsgericht onderwijs; de leerlingen worden niet gevormd (of, negatief geformuleerd: “klaargestoomd”) voor de maatschappij, maar worden gestimuleerd om zich naar vermogen te ontwikkelen en tot een eigen oordeelsvorming te komen, zodat zij de maatschappij naar hun eigen inzichten kunnen gaan vormen
13. Mijn zoon/dochter gaat op de fiets naar school. Het is ongeveer 14 km. Ik wil niet dat hij/zij deze afstand alleen moet fietsen. In hoeverre wordt hier rekening mee gehouden?
Zoveel mogelijk. In ieder geval hebben in de middenbouw alle leerlingen gelijke begintijden en meestal ook dezelfde eindtijden. Zie ook vraag 5 (klassensamenstelling).
14. Bestaat er op school een boekenfonds of moeten de leerlingen ieder hun eigen boeken kopen?
Sinds 1 augustus 2009 worden de kosten voor de lesboeken door de school gedragen. Er zijn voor ouders nog wel bijkomende kosten voor schriften, woordenboeken en ander lesmateriaal en voor werkweken en excursies.
15. Zijn er vaak schoolfeesten? Hoe wordt er omgegaan met alcohol en drugs?
We kennen op dit moment een café-chantant (géén alcohol) en één of meer algemene schoolfeesten, waarbij vanaf 16 jaar in beperkte mate alcohol wordt geschonken. Betaling geschiedt d.m.v. een beperkt aantal bonnen, die op naam worden verstrekt.
Er is een ontmoedigingsbeleid voor roken. Alleen op een deel van het achterplein mag gerookt worden. Op dit deel mogen de leerlingen uit de zevende en achtste klas niet komen. Er wordt gewerkt aan een verdere beperking van het roken. Drugs zijn verboden.
16. Zijn er op school leerlingen met alcohol/drugsproblemen?
Ja, zoals op iedere middelbare school komt het ook op onze school voor dat leerlingen willen experimenteren met drugs. De mate waarin dit gebeurt wisselt nogal. We ondernemen actie bij vermoedelijke problemen t.a.v. gebruik dan wel dealen in drugs. Voor begeleiding van deze leerlingen hebben we een overeenkomst met Arta, een organisatie voor verslavingspreventie en opvang.
Bovendien geven we voorlichting, bijvoorbeeld in de vorm van actiedagen, over de problemen rond het gebruik van alcohol, drugs en roken. Dit ook in samenwerking met Arta en andere organisaties. Ook in de biologie- en verzorgingslessen wordt aandacht besteed aan deze problematiek.
17. Op hoeveel ouderbijdrage moet ik rekenen?
Voor de ouderbijdrage is er een regeling met een vaste ouderbijdrage (in 2009-2010: €70) voor schriften, verbruiksmaterialen en excursies en een vrijwillige ouderbijdrage. De vrijwillige ouderbijdrage is noodzakelijk voor het kunnen geven van onze vorm van onderwijs, maar is niet verplicht. De ouderbijdrageregeling kunt u bij de administratie verkrijgen en wordt met de aanmeldingsformulieren (schoolovereenkomst) meegestuurd.
18. Ik heb van diverse kanten gehoord dat de vrije school vrij laat begint met de voorbereiding op het eindexamen. Klopt dat?
Ja, wat betreft de specifieke examenvoorbereiding klopt dat. School is veel meer dan het eindexamen. We bieden ontwikkelingsgericht onderwijs en een deel van het onderwijs richt zich op het examen. Een te vroege gerichtheid op het examen verstoort een vrije ontwikkeling en kost onnodig veel energie die op dat moment beter gebruikt kan worden.
19. Slagen er op de Stichtse Vrije School meer of minder leerlingen voor het eindexamen?
De slagingspercentages aan onze school zijn vergelijkbaar met de landelijke slagingspercentages. Voor wat betreft de (centraal) examencijfers zitten we meestal aan de hoge kant.
20. Ik heb wel eens gehoord dat slimme leerlingen zich op de vrijeschool vrij snel vervelen. Klopt dit?
Dit kan kloppen als de betrokken leerling zijn of haar uitdaging alleen zoekt in het cognitieve. In het brede onderwijs dat wij aanbieden, zijn er voor de meeste leerlingen voldoende uitdagingen te vinden. We proberen in toenemende mate om in de lessen verder te differentiëren in aanbod en werkstijl. Er wordt ook gezocht naar mogelijkheden om leerlingen die dat willen en kunnen extra uitdagingen buiten de reguliere lessen te bieden. De lessen Latijn zijn daarvan een voorbeeld.
21. Hoe is de school precies opgebouwd voor wat betreft examens?
Middenbouw: klas 7 en 8
Vrijeschoolonderwijs in heterogene klassen
Klas 9
Vrijeschoolonderwijs in heterogene klassen; zo min mogelijk directe examenvoorbereiding. In de loop van de tweede helft van dit schooljaar vindt de keuze voor de examentrajecten plaats en wordt er ook meer gedifferentieerd in verschillende lesgroepen.
Er wordt dan een keuze gemaakt voor vmbo-t, havo of vwo en een deel van het vakkenpakket dat voor de examenvoorbereiding nodig is.
Klas 10
Vrijeschoolonderwijs zoveel mogelijk in heterogene klassen, waarin geïntegreerd het begin van de Tweede Fase havo/vwo en de vmbo-t examenvoorbereiding. Een flink deel van de vaklessen wordt in niveaugroepen gegeven. Vmbo-leerlingen bereiden zich o.a. voor op het Centraal Schriftelijk Examen in Engels en Nederlands en wiskunde dat in mei plaatsvindt en sluiten de overige vakken af met een School Examen.
Klas 11
Vrijeschoolonderwijs zoveel mogelijk in heterogene klassen (havo/vwo); daarnaast een voortzetting van de vaklessen die voorbereiden op de eindexamens. Mogelijkheid om havo-eindexamen te doen voor de leerlingen die dit in de 11e klas willen doen.
Klas12
Vrijeschoolonderwijs en in de vaklessen examenvoorbereiding tot aan de kerstvakantie. Examenjaar voor de havo en vwo leerlingen. De leerlingen volgen vanaf de kerstvakantie uitsluitend nog examenvoorbereidende lessen.
Vanuit onze onderwijskundige visie is het belangrijk om leerlingen de gelegenheid te geven om zich optimaal te ontwikkelen. Daar is tijd en ruimte voor nodig. Tot nu tot is het ons gelukt om de meeste leerlingen die ruimte te bieden. Het beleid van regering en inspectie is er echter op gericht om leerlingen zo snel mogelijk door hun schoolcarrière te loodsen, met als gevolg ook een veelal lagere examenafsluiting dan mogelijk zou zijn. Wij blijven streven naar een zo volledig mogelijke ontwikkeling en een passende afsluiting.